De Groene Stola van Maastricht

Om de stad Maastricht heen ligt een groene stola gedrapeerd. Wie aan Maastricht denkt, denkt aan de oude binnenstad, binnen de voormalige stadsmuren. En tegenwoordig een beetje aan het stadsdeel Wyck, aan de overkant van de Maas.

Om een van de oudste steden van Nederland heen ligt een onbekend groene stola aan akkers, velden en bos. Een schoonheid van een gebied dat grenst aan de bewoonde wereld en de stad insluit.

Door George Vogelaar

Ik woon letterlijk aan de rand van de stad, aan de meest oostelijk gelegen weg van Maastricht. Als ik mijn huis uitloop sta ik aan de voet van de heuvels en kijk uit over de akkers en velden en de golfbaan Het Rijk van Margraten. Ik kan van huis uit beginnen aan ‘een rondje Bemelen’, wat ik regelmatig alleen of samen met anderen doe.

Tijdens een van die wandelingen vroeg ik me af: waar loopt nu precies de grens tussen Maastricht en Eijsden-Margraten, de buurgemeente aan de oost kant van de stad? In het kadaster staat dat op de centimeter nauwkeurig aangegeven maar in het veld is er, zeker als je nog niets hebt onderzocht of weet van grensmarkeringen, geen duidelijke grens te zien. Althans aan de oostkant van de stad. Aan de westkant is dat heel anders. Daar grenst Maastricht aan België en vind je overal in het land de uit 1843 stammende grenspalen. Een kleine tweehonderd jaar geleden, na de afscheiding van België van Nederland, is de grens bij verdrag bepaald en werd in 1843 besloten haar te markeren met palen. Van Vaals tot aan de Zeeuwse kust staan 388 landspalen opgesteld. Rond Maastricht staan er 53. Van Petit Lanaye waar grenspaal 49 vlak langs de weg staat, kun je met een flinke boog om de halve stad heenlopen naar Smeermaas, waar bij paal 106 de Grensmaas begint. In een keurige tuin in Itteren, aan de oostzijde van de Maas staat paal 107. En onder Voulwames, daar waar de Geul in de Maas stroomt, eindigt het Maastrichtse grondgebied bij paal 108. Alleen staat die paal niet fier overeind. Hij ligt. Tijdelijk opgeslagen in een werkplaats van het consortium dat de Grensmaas onder handen neemt. Daar in die werkplaats is de paal te bewonderen. Precies twee meter dertig lang moet hij volgens de voorschriften uit 1843 zijn. En dat is ie. Het gebruik van grenspalen is al duizenden jaren oud. De Romeinen plaatsten al grenspalen waarop een afbeelding stond van hun grensgod Terminius, de naamgever van het fameuze stadsstation in Rome, Stazione Termini.

Aan de oostkant van de stad staan geen grijze gietijzeren palen. Daar is de grens geen zichtbare grens. De gemeentes lopen in elkaar over en sluiten naadloos op elkaar aan. Zoals er geen binnengrenzen meer zijn in grote delen van Europa, zo bestaan er in Nederland eigenlijk geen stadsgrenzen meer. Dankzij een topografische kaart, maar vooral met hulp van onze smartphone waarop we Google-earth hadden gedownload konden fotograaf Bert Janssen en ik op de meter nauwkeurig langs en op de grens van de stad Maastricht en van de aanpalende gemeentes in binnen- en buitenland lopen. Het apparaat peilde ons uit met behulp van een GPS signaal. Een klein blauw stipje op de kaart op het scherm gaf nauwkeurig onze positie aan. Een iele streep was op de mobiele landkaart de stadsgrens. Na een paar keer dat streepje te hebben vergeleken met de topografische kaart van de gemeente ruilden we vol vertrouwen de ‘ouderwetse’ landkaart in voor de moderne digitale versie. En zo liepen we kilometer na kilometer over de grens en fotografeerden het Maastrichtse buitengebied. We legden de stad ook zelf vast vanuit het grensgebied. Zo maakten we een fotografische cirkel om de stad heen. Onze oriëntatiepunten daarbij waren de toren van de Sint Jan op het Vrijthof en de pijp van de Enci. Omdat een deel van de grens water is, huurden we op een middag een kajak in Smeermaas om de Grensmaas vanaf, op en onder water vast te leggen. Voor de onder water beelden gebruikten we een speciale camera. De zuidelijke Maasgrens, die loopt van Oost-Maarland, door de grindplas en over de Maas naar grenspaal 49 bij Petit Lanaye konden we dankzij een aardige booteigenaar documenteren.

We hebben veel mensen gezien die gebruik maken van het buitengebied. Wandelaars, fietsers, hardlopers en natuurlijk, veel mannen en vrouwen die er hun hond uitlaten. We zagen er mensen die er hun brood verdienen: boeren. We ontdekten dat er niet alleen in het Jekerdal druiven voor de wijnbouw worden geteeld. We troffen ‘vignobles’ aan de voet van het Savelsbos en in de landerijen bij Weert. Navraag leerde dat er in de dienstenstad Maastricht slechts 26 mensen staan ingeschreven werkzaam in de agrarische sector. Wanneer je door die mooie, zeer afwisselende en diverse groenstrook loopt, over akkers en velden, vermoed je dat veel meer mensen er hun brood verdienen, maar dat is niet zo. Bovendien worden grote stukken grond aan de westzijde van de stad door Belgische boeren bewerkt. Nergens wordt het groen doorbroken door grote of kleinere industrie. Boerenhoeven zie je er, een loonbedrijf en wat eenzame woningen aan de oostzijde. Aan de westzijde liggen de wijken Daalhof en Malberg maar enkele stappen van de grens. De Diependaalweg door Wolder is aan de ene kant van de weg Belgisch grondgebied en de tegenoverliggende stoep behoort tot Nederland, Maastricht. De weg heeft twee naamborden, een Belgische en een Nederlandse. Een andere opvallende grensoverschrijding vind je aan de oostkant van de stad. Het hoofdveld van de voetbalclub FC Bemelen ligt in twee gemeenten. Wie scoort in het westelijke doel maakt een punt in Maastricht, wie de bal in de goal weet te krijgen in het oosten doet dat in Eijsden-Margraten. En het zal er bij de Belgische voetbalclub VV Kanne om spannen of de Belgische-Nederlandse grens niet precies een meter ligt voor het Nederlandse doel.

Iedereen kent wel van die blauwe borden aan de uitvalswegen van een stad waarop de naam van de stad in witte letters staat vermeld, met een diagonale rode streep er door als aanwijzing dat men de stadsgrens overschrijdt. Dat bord staat voor “einde bebouwde kom” en impliceert niet de letterlijke begrenzing van de stad, die ligt soms wel een paar honderd meter verderop. Waar de Akersteenweg bijvoorbeeld overgaat in de Rijksweg naar Cadier en Keer, staat zo’n bord. Een paar honderd meter heuvelopwaarts ligt de grens, precies voorlangs het bordeel dat daar rechts van de weg aanlokkelijk probeert te zijn. Overigens hoorde dit huis van plezier vroeger tot de stichting jeugdzorg Sint Joseph, in Heer en omgeving beter bekend als Sint Joep of de voogdij-stichting. In dat huis van plezier woonde ooit een deel van de broeders die bij Sint Joseph werkten. Toen Heer bij Maastricht werd getrokken is een deel van die gemeente, waar de gebouwen van Sint Joseph inclusief het huidige bordeel, overgeheveld naar de toenmalige gemeente Margraten.

Toen we aan onze tocht begonnen hadden we paar proeftrajecten gelopen en wat thema’s bedacht. Een daarvan was het illegaal dumpen van afval. Al met al viel dat rond de stad tijdens onze ‘expeditie’ reuze mee. Klein spul, plastic zakjes en natuurlijk hondenpoep kwamen we veelvuldig tegen. Op een plek, bij Malberg vonden we containers die duidelijk afkomstig waren van drugsproductie. En op de Pietersberg vonden we een heel bankstel. Meer groot afval vonden wij niet, wat overigens niet betekent dat er niet wordt gedumpt. Vraag het de opruimdiensten maar eens, zij rukken met enige regelmaat uit om de rotzooi weg te werken.

Ook dat is het buitengebied. Zeker ’s avonds kunnen de kwaadwilligen er een zooi van maken omdat de sociale controle er minimaal is. Desondanks blijft het buitengebied van de stad Maastricht van ongekende schoonheid, een groene stola aan natuurpracht die zijn weerga niet kent. Ga er van genieten!

REAGEER



© Rondom Maastricht